Steeds meer opdrachtgevers kiezen voor biobased bouwen met hout, hennep, vlas, stro of biobased isolatie om de milieu-impact van een project te verlagen en het binnenklimaat te verbeteren. Tegelijk wilt u één ding zeker weten: kunt u dit zonder problemen vergunnen en realiseren? Het Bouwbesluit en de eisen die daaruit volgen is daarbij niet uw tegenstander, maar wel een kader waarbinnen u uw keuzes moet kunnen onderbouwen. In deze blog leest u waar u op moet letten als het gaat om de regelgeving omtrent duurzaam bouwen, zodat u voorkomt dat duurzame ambities later leiden tot vertraging, extra kosten of aanpassingen aan het ontwerp.
Het Bouwbesluit stuurt meestal niet op materiaal, maar op prestaties. U wordt bij biobased bouwen dus niet afgerekend op het gebruik van hout of hennep, maar op de vraag of uw gebouw veilig, gezond, bruikbaar en energiezuinig is. Dat betekent dat biobased bouwen in de basis prima kan, zolang u uw keuzes vertaalt naar aantoonbare prestaties en die op tijd in het proces borgt. Daarom is het verstandig om al in de ontwerpfase te denken in prestatie-eisen.
Als u bijvoorbeeld biobased isolatie overweegt, wilt u niet alleen weten wat het materiaal doet, maar ook wat het oplevert in isolatiewaarde, luchtdichtheid en vochtgedrag binnen de totale opbouw. Hoe eerder u dit scherp heeft, hoe kleiner de kans dat u later in het traject nog extra lagen moet toevoegen of moet wisselen naar een minder gewenste oplossing omdat de onderbouwing ontbreekt.
Brandveiligheid is vaak het onderwerp dat als eerste vragen oproept, vooral bij houtconstructies en vezelrijke materialen. In de praktijk is brandveilig bouwen met biobased materialen goed mogelijk, maar het vraagt om een goede opbouw en bewijsvoering. Gemeenten en toetsers willen niet alleen horen dat iets veilig is, maar willen ook zien dat het ontwerp voldoet aan de relevante eisen voor brandklasse, brandwerendheid en beheersing van brandverspreiding.
Hier zit uw winst meestal in het kiezen van bewezen systeemopbouwen en het goed uitwerken van details. Het is zelden het hoofdmateriaal dat problemen veroorzaakt, maar juist de aansluitingen, doorvoeren en sparingen. Als die niet correct zijn ontworpen en uitgevoerd, kan rook of vuur zich sneller verspreiden dan bedoeld. Door vroegtijdig te werken met geteste oplossingen en bijbehorende rapporten zoals classificaties en testrapporten, maakt u het traject richting vergunning een stuk voorspelbaarder en voorkomt u last-minute wijzigingen.
In het Bouwbesluit gaat het bij biobased isolatie niet om het soort isolatiemateriaal dat u kiest, zoals cellulose isolatie,maar om het isolatieniveau dat u met uw totale constructie behaalt. U moet dus kunnen aantonen dat uw dak, gevel en vloer voldoende warmteweerstand hebben uitgedrukt in Rc-waarden en dat uw gebouw als geheel voldoet aan de energie-eisen die gelden voor nieuwbouw of verbouw. Dat onderbouwt u doorgaans met berekeningen in het ontwerptraject en met productgegevens van het isolatiemateriaal, zoals de lambdawaarde (warmtegeleiding), de dikte en de prestaties van de complete opbouw inclusief platen, folies en aansluitdetails.
Veel biobased materialen kunnen vocht bufferen en dragen daarmee bij aan comfort. Dat is een voordeel, maar het ontslaat u niet van bouwfysische zorgvuldigheid. Het risico zit vooral in onjuiste laagopbouw, onvoldoende luchtdichtheid of bouwfouten. Als warme, vochtige binnenlucht door kleine kieren in de constructie kan komen en daar een koude zone raakt, ontstaat condens. Dat kan op termijn leiden tot schimmel, geurklachten of aantasting van materialen.
U doet er daarom goed aan om uw wand-, dak- en vloeropbouwen bouwfysisch te laten doorrekenen, zeker als u kiest voor dampopen systemen of nieuwe combinaties van materialen. Daarnaast is de bouwfase cruciaal, want biobased materialen moeten droog worden opgeslagen en verwerkt. Als er nat materiaal wordt ingesloten of als folies en tapes slordig worden aangebracht, krijgt u problemen die u later nauwelijks nog ziet, maar wel merkt.
Biobased bouwen raakt meerdere eisen tegelijk. Een houtconstructie vraagt om constructieve berekeningen zoals elke andere constructie, maar ook om aandacht voor doorbuiging, trillingen en verbindingen. Daarnaast speelt geluidsisolatie vaak een rol. Geluidsisolatie is niet automatisch goed of slecht bij biobased, omdat het sterk afhangt van opbouw, massa, ontkoppeling en detaillering. Ook energieprestatie en ventilatie horen bij dat integrale plaatje. Als u een zeer luchtdicht gebouw maakt, moet u ook zeker weten dat ventilatie goed is ontworpen en ingeregeld.
Wilt u meer informatie ontvangen over biobased bouwen volgens het Bouwbesluit? We denken graag met u mee. Neem gerust contact op met Warmteplan.